Bestuurders in de spotlight: drie vragen aan Jacqueline van der Loo

17-03-2026

In heel Nederland zetten bestuurders zich in om het vraagstuk rondom wonen, welzijn en zorg voor ouderen aan te pakken. Van bestuurders van welzijnsorganisaties en gemeenten tot bestuurders van zorginstellingen en woningcorporaties. Om hun harde werk te waarderen en om anderen te inspireren, lichten we graag een aantal mensen uit aan de hand van drie vragen. In deze editie: Jacqueline van der Loo, Bestuurder Amaris zorggroep.

Amaris Bestuurders 71 small2

1. Wat is jouw persoonlijke missie? 

Zorgen voor elkaar hebben we gedurende vele jaren grotendeels uitbesteed aan professionals. Daardoor zijn we zorg steeds meer gaan zien als een product: iets waar je recht op hebt als je ziek bent of een beperking hebt en wat geld kost. De focus komt dan al snel te liggen op ziekte, ziektebeelden en beperkingen. Als we niet opletten, zien we geen mensen meer, maar alleen nog problemen. Of nog erger: problemen die mensen zouden veroorzaken omdat ze zorg nodig hebben. 
 
Als er één ding is dat ik in mijn leven heb geleerd, is het wel dat problemen groeien wanneer je er alleen maar naar kijkt. Zo is er steeds meer nodig om ze op te lossen.

We hebben allemaal zorg nodig en we zorgen allemaal. Dat is een van de belangrijkste uitgangspunten van een waardige samenleving. Mijn persoonlijke missie is om zorg voor én om elkaar meer onderdeel van de samenleving te laten zijn. Professionele zorg levert daarin een belangrijke en waardevolle bijdrage aan de kwaliteit van (door)leven. 
 
We bewegen bovendien naar een zilveren samenleving. Dat vind ik een prachtige ontwikkeling, maar ook een enorme uitdaging. Hoe verhouden we ons tot die veranderende ouderensamenleving? En hoe gebruiken we de waarden, kwetsbaarheden en levenslessen van juist deze generatie om onze samenleving weer een stukje verder te brengen? 

2. Kun je een project noemen waarbij je betrokken was en waar wonen, welzijn en zorg voor ouderen mooi samenkomen? 

Voor wonen, zorg en welzijn werken wij veel samen met onze huisvestingspartner Habion. We hebben ons gezamenlijke vastgoed ondergebracht in een VOF, waardoor we gelijkwaardig zijn in de besluitvorming. Maar nog belangrijker: we delen een gemeenschappelijke visie op ouder worden en op de rol van zorg en de fysieke leefomgeving. 


Wij geloven nadrukkelijk in de kracht van gewoon (door)leven als uitgangspunt voor onze ondersteunende diensten. Of het nu gaat om het gebouw, de inrichting of zorg en welzijn: het staat allemaal ten dienste van het kunnen doorleven op een plek naar keuze, in de eigen omgeving, met ondersteuning als dat nodig is.

 

Een belangrijk onderdeel van betekenisvol leven en ouder worden is de omgeving waarin je graag leeft en woont. Dat geldt voor iedereen, jong of oud. Het gaat deels over de fysieke ruimte en de inrichting, maar nog veel meer over de vraag of je kunt blijven doen wat je wilt en wat bij je past. En of je een gemeenschap om je heen hebt waarvan je écht onderdeel uitmaakt en waar mensen in wederkerigheid naar elkaar omzien.

In LivInn in Hilversum komt dat samen. Daar komen wonen, welzijn en zorg bij elkaar in een bruisende gemeenschap waar mensen naar elkaar omzien. Jong en oud wonen er samen in hetzelfde pand en maken gebruik van ontmoetings- en ontspanningsruimtes in het gebouw. Daardoor kunnen mensen er heel lang prettig blijven leven, met of zonder beperking.  

 

Wij zijn daar als zorgpartij ook onderdeel van, maar nadrukkelijk op de achtergrond. We denken mee, helpen waar nodig en dragen vooral over aan de gemeenschap als dat kan. 

Dit soort zorgzame gemeenschappen laten zien dat ouder worden waardevol kan zijn voor iedereen. Voor onze medewerkers is het hartstikke leuk, voor de ouderen en de gemeenschap is het fijn en waardevol om het samen te kunnen doen. Mensen kunnen langer zelfstandig thuis wonen en van betekenis zijn en blijven. En voor de samenleving betekent het dat er minder beroep wordt gedaan op formele zorg. En daarnaast: dat er ruimte vrijkomt op de woningmarkt doordat mensen bewust kiezen voor deze manier van wonen en eerder verhuizen.

3. Als je morgen minister van VRO of VWS zou worden, wat zou je dan doen? 

Ik benijd de ministers van VRO en VWS niet, met de enorme wirwar die we er in het domein van wonen en zorg van gemaakt hebben. Als ik vrij zou mogen fantaseren, zou ik dát ook vooral willen aanpakken.  

 

Beide domeinen zitten bijna op slot door alle aanpassingen in de afgelopen jaren in stelsels, regels en wetten uit een heel ander demografisch tijdperk. Voor professionals is het al ingewikkeld om te volgen, laat staan voor mensen die er niet dagelijks mee bezig zijn, maar er op kwetsbare momenten in hun leven wel gebruik van moeten maken.

Soms lijkt politiek het zoeken naar mazen in netten die al lang niet meer passen bij de vraagstukken van nu. Als ik met een toverstaf zou mogen zwaaien, zou ik nieuwe netten willen weven die gericht zijn op de vraagstukken van de komende twintig jaar. Netten die aansluiten bij de periode, de demografie en de geopolitieke ontwikkelingen van vandaag.  

 

Ik geloof in sterke gemeenschappen gericht op gewoon leven; waarbij de inrichting helpt om lekker door te leven, elkaar te ontmoeten en te helpenEen gemeenschap waarin je oud kan worden in je eigen buurt door de faciliteiten die er zijn en doordat je er zelf ook onderdeel van bent.  

 

En misschien bestaan deze ministeries dan uiteindelijk niet eens meer. Want wie zou volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, volksgezondheid, welzijn en sport nog als losse domeinen zien als we écht kijken naar de vraagstukken van deze tijd? 

 

Meer informatie 

Meer weten over LivInn in Hilversum? Kijk op livinnhilversum.nl